28 december 2010

Wet van de kleine getallen.

Bij het lezen van het bericht dat het aantal doden dat gevallen is bij wat dan aangeduid wordt als 'doding-zelfdoding', waarbij dus de dader ook zichzelf het leven beneemt, moest ik denken aan wat ik de "wet van de kleine getallen" noemde. Die wet had ik zelf bedacht *) en luidde kort en goed dat "voor kleine getallen gaat de wet van de grote getallen niet op". Het leek me een trivialiteit, maar er was alle reden om dat in een extra wet te verwoorden want er waren maar al te veel mensen die al te graag ook op kleine getallen de wet van de grote getallen toepasten.

Zoals nu. Het aantal gevallen van doding-zelfdoding is in één jaar gestegen van 9 tot 22. Meer dan 100% wordt er dan bij gezegd, waarbij de grote-getallen-wet al om de hoek loert. Maar het is absoluut niet duidelijk wat het gemiddelde over bijvoorbeeld de laatste 10 jaar is. En bovendien is dat aantal van 9 zó klein, als er één geval meer of minder is is dat al een stijging van 11%!
Typisch een geval van de wet van de kleine getallen.
De minimale toe- of afname is 1, dus 9 is weinig. En 22 is nog steeds weinig. En 13 erbij lijkt wel veel, maar is dat niet. Eén ouder die die zichzelf, de partner en 3 kinderen vermoordt en we zitten al bijna op de helft van de toename. En als een groot deel van de groei al door één zo'n incident veroorzaakt kan worden, dan is er geen spraken van een trend, maar van een toevalligheid.
Kijk eens naar het aantal berichten in deze blog dat ik heb geproduceerd. Deze maand maar liefst 3 keer zoveel als de maand daarvoor! En anderhalf keer hoger dan het maandgemiddelde van bijna 6!!
Geen enkele waarde aan toekennen. Allemaal kleine getallen.

Kortom, op kleine aantallen laten we geen statistiek los, we doen er geen procentuele uitspraken over, we vergelijken de getallen zelfs niet met elkaar. Het zijn er méér, in dit geval althans. That's it.

*) Toen ik deze wet een keer verwoordde tegen een collega, zei ik erbij dat dat mijn 3de wet was. Met open ogen trapte hij in het valstrikje dat ik daarmee had gezet.
"Wat zijn die andere twee dan?" vroeg hij. "Die zijn te moeilijk voor jou, zou je toch niet begrijpen." liet ik hem weten

24 december 2010

Moeders gezegde (3)

Kwam vanochtend plotseling boven toen ik achter een wel héél trage auto reed: " Schiet op,een uur is te lang." dacht ik.
Van eer ik kon praten heb ik dat al gehoord, dus(?) pas recent realiseerde ik me dat ik dat altijd als een mantra voor "dat duurt te lang" heb ervaren en nooit de inhoud heb gehoord. Zoals met andere uitspraken van haar.

20 december 2010

PvdA

Zag gisteren bij toeval een reclame van de PvdA en het viel me opnieuw op hoe gedateerd die naam eigenlijk is. "Partij van de Arbeid" is zó jaren '50/'60 van vorige eeuw, dat kan anno 2011 ècht niet meer. Het woord 'arbeid' alleen al.
Werk is veel minder belangrijk geworden en is bovendien vrijwel gegarandeerd. Onvrijwillig werkeloos komt nauwelijks meer voor en de sociale voorzieningen in Nederland horen tot de beste van de wereld.
Andere issues zoals gelijkberechtiging, milieu, vergrijzing, rechtshandhaving zijn allemaal vele malen belangrijker geworden.

Een moment later kwam mijn onderbewuste met het voorstel: "Partij voor de Ander", maar ik realiseerde me vrijwel meteen dat je met zo'n naam het je politieke tegenstanders wel èrg makkelijk maakt. "Dat is geen partij voor u, maar voor de ander." Zij het dat het de mensen die wèl nadenken zou kunnen aanspreken.

Mogelijk zit er niets anders op dan, net als het CDA eind jaren '70, te fuseren met andere partijen, GroenLinks, D66, eventueel de SP, zodat er een nieuwe, aansprekende naam bedacht kan worden.
Die dan, hopelijk, weer een halve eeuw mee kan.

16 december 2010

Principes

Beleid, zo definieerde mijn vroegere, goede collega Elmer K. eens, is een set van tevoren genomen beslissingen. En principes zijn net zo. Je hoeft dan niet in ieder geval na te gaan hoe je moet besluiten maar kunt je houden aan een leidraad, beleid en/of principes. De laatste liggen meestal op ethisch vlak. Je moet niet liegen, de ander überhaupt geen schade berokkenen, goed zijn voor het milieu, dat soort dingen

In het najaar vind ik een hoogtepunt op tv de danswedstrijd op de BBC "Strictly come dancing". Daarin worden dansprofessionals gekoppeld aan 'celebrities', zeg maar BE'ers, en wordt er iedere week door ieder danspaar een nieuwe dans ingestudeerd, ballroom of latin, of wat daar vlakbij ligt, zoals de charleston.
Daarbij worden ze van commentaar voorzien èn beoordeeld door een deskundige jury en ook het publiek mag haar zegje doen. Tenslotte valt het stel met de laagste score af, waarbij het publiek het laatste woord heeft. Reden dat Anne Widdecombe, een conservatief parlementslid die net zo veel talent heeft voor dansen als een vis voor fietsen, het tot de halve finale schopte. Want hoe tenenkrommend ook, entertainig was het.
Nu is het in de ballroom formeel niet toegestaan een zogenaamde 'lift' uit te voeren, dat is een beweging waarbij een danser met beide voeten tegelijk van de vloer komt, meestal doordat haar partner haar (te ver) optilt. Eén van de juryleden, Craig Ravel Horwood, is daar zeer op gespitst en hoe mooi de dans ook wordt uitgevoerd, als hij meent een lift te zien, vrijwel altijd terecht, zal hij, uit principe, een punt in mindering brengen. Reden waarom de ravissante Kara Tointon een hoogste score van drie tienen en één negen had.

Ander geval. Eveneens in het najaar is er op tv in NL de serie ' Kijken in de ziel' , waarin Coen Verbraak een aantal professionals interviewt en daar confronteert met de meer filosofische aspecten van hun beroep. Drie jaar geleden waren dat de psychiaters en die serie bleek zo succesvol dat vorig jaar de voetbaltrainers - god mag weten waarom díe - en dit jaar de advocaten aan de beurt waren.
Nu kwam daarbij hun geheimhoudingsplicht aan de orde en de interviewer liet de kans niet voorbij gaan daar eens aan te schudden. Wat, zo was de vraag, zouden de advocaten doen als ze van hun cliënt te horen zouden krijgen dat er een aanslag zou worden gepleegd waarbij hoogstwaarschijnlijk ook een aantal onschuldige mensen om het leven zou komen. Mijn favoriete Theo Hiddema, een glibber van een man maar meestal met dezelfde antwoorden als ik gegeven zou hebben, was direct naar de politie gestapt. De meeste anderen zouden de deken van de orde van advocaten hebben ingelicht, zich daarmee achter diens brede rug verschuilend, een standpunt dat ik ook zéér kan billijken.
Maar mevrouw Oldenburg achtte haar geheimhoudingsplicht zó heilig dat ze haar mond zou houden. "En als uw tante nu tot de slachtoffers zou horen?" vroeg Verbraak. Tja, dan zou Oldenburg haar dat weekend voor een uitje meenemen naar Vlissingen, maar inlichten, daar kon geen sprake van zijn. Zoals gezegd, uit principe ging de geheimhoudingsplicht vóór alles.

Mijn vader, zaliger nagedachtenis, was een godvrezend man, overtuigd gereformeerd en propageerde ijzeren principes. Maar toen ik hem als puber vroeg of je in de oorlog mocht liegen als je door de Duitsers werd gevraagd naar onderduikers, toonde hij geen spoor van twijfel, dat mocht. In principe mocht je niet liegen, maar hier gold dat niet. Hoewel, maar misschien is dat een broodje aap, er wel streng gereformeerden waren die uit  principe niet logen, ook niet in de oorlog.

Het grote verschil ontstaat of je iets doet 'uit principe' of 'in principe'. In het eerste geval schakel je je geweten uit en word je een robot. In het tweede geval zul je, ondanks je principes, dit specifieke geval toch opnieuw moeten bezien en een goeie beslissing nemen. Want principes gelden voor de mééste gevallen, niet voor alle.

12 december 2010

Moeders gezegde (2)

Eerder schreef ik over mijn moeder en de zegswijzen die zij bezigde.
Vandaag, nadat ik druk in de weer was geweest en uitpufte bij de thee, herinnerde ik me: "Je zit te zuchten as een poep die gort egeten hèt.".
Die ik lief heb had het nog nooit gehoord, niet van mij en zeker niet van mijn moeder.

Tekst bewerken

Waarom bestaat er geen programmaatje dat ook actief is op mijn gsm bij het sms-en en dat woorden afmaakt als ik pas de eerste paar letters heb getikt?
Plus wat extra wensen, nu ik toch bezig ben.

Uiteraard moet er een uitgebreid woordenboek in zitten, bij voorkeur met per woord de relatieve frequentie waarmee dat woord wordt gebruikt. Dus van meest gebruikt woord tot hoogst zelden voorkomend.
Bij de woorden die ìk gebruik moet die algemene frequentie door die van mij worden vervangen en moet dat programmaatje de suggesties doen in die volgorde.

Bovendien zou er een corrector in moeten zitten die ik zelf evt kan aanvullen. Die dus evt omzet in evt., met punt.
Dus wat het programmaatje niet herkent moet vervangen worden door een tekst met de minimale Levenshtein-afstand .... (wat u zegt buurman).

Uiteraard moet er een mogelijkheid zijn om langere stukken (standaard)tekst met een shortcut in te vullen.

Tenslotte moet het zelf lerend zijn, zodat ik bijvoorbeeld mijn reeds geschreven teksten kan invoeren en het programma de gebruiksfrequenties kan bepalen.

Als dat nog per taal kan, zou dat mooi zijn, hoewel ik, naast Nederlands, alleen Engels nodig zou hebben

Vraag is natuurlijk of zoiets al niet bestaat.
Ik heb nu PhraseExpress maar dat werkt niet. Bovendien, en dat haat ik, zijn die bestanden waar het programma gebruik van maakt niet toegankelijk.Héél vervelend.

8 december 2010

NL daalt in onderwijsranking

Mw. drs. G.  Ledoux, Guuske voor intimi, is wetenschappelijk directeur van het Kohnstamm instituut, dat zich met onderwijs bezig houdt. Zij vindt, nav het feit dat NL weer gedaald is in de onderwijsranking , het belang van wiskunde overtrokken. Tja, mw. heeft zelf pedagogiek gedaan, dan mag je dat wel zeggen.
Ze oreerde voor de radio dat slechts 3% van de NL-bevolking min of meer dagelijks wiskunde nodig had, dan wel gebruikt, dus waarom daar zoveel aandacht voor? Ik wist niet dat die statistiek die ze bij pedagogiek gebruikten om nog iets van een selectie te kunnen toepassen, zoveel frustratie had achtergelaten.
Zij vergist zich, schromelijk, zoals dat vroeger zo mooi heette.
Er zijn talloos veel mensen, ook van Guuske's leeftijd nog, die door wat ze bij wiskunde leerden nog steeds aardig kunnen rekenen en zich daardoor geen knollen voor citroenen laten verkopen. En, zo mogelijk nòg belangrijker, min of meer logisch kunnen redeneren. Want dat is het eigenlijk waar het bij wiskunde om gaat.

Ook dat NL gedaald is vindt ze niet erg, er doen meer landen mee en sommige daarvan waren beter. Kijk dáárvoor heb je nou wiskunde nodig, om logisch te redeneren en het gebrek daarvan bij anderen aan de kaak te stellen.
Want de juiste conclusie van mevrouw zou moeten zijn: als we niet zijn gedaald, stonden we blijkbaar altijd al lager dan we dachten!

Wij denken een kenniseconomie te kunnen worden door met een minimum aan investeringen - NL geeft minder dan gemiddeld in de EU uit aan onderwijs - de top te kunnen halen. Terwijl in het verre oosten elk jaar miljoenen ingenieurs en andere exactici afstuderen, allemaal eager om te presteren. En Zuid-Korea ons fluitend voorbij streeft in prestaties, onderwijsbegroting en bijna dat hele land al voorzien is van glasvezel.

Het zal niet eens meer een decennium duren of we zijn veel verder teruggevallen dan nu al het geval is en als een soort reservaat, vergelijkbaar met dat van Indianen en Aboriginals, zullen hordes Chinezen, Indiërs en anderen uit het verre oosten ons als toerist bezoeken. En die zullen uit dat bezoek de lessen trekken wat je krijgt als je de vijf tot 15 miljard die nu jaarlijks nodig is voor onderwijs níet investeert. Dankzij de Guuske's van dit land.

Post scriptum. Kwam dit nog tegen: de hoogst gerate banen (in de USA) met wiskundigen op 1. I rest my case, om met mijn nicht(je) te spreken.

5 december 2010

Marketing en duurzaamheid

Ik ben geen early adopter. En als ik al iets nieuws koop dan doe ik daar veel langer mee dan de industrie lief is. Mijn huidige pc is ruim 5 jaar oud en onze tv zelfs al 14 jaar, zij het dat het wel een 50 inch is. Ook voor nu nog héél groot.
Waar ik me in toenemende mate aan erger is dat domme gedram om ons aan overbodige spullen te krijgen. Of, ernstiger, normale zaken als problematisch te verkopen.
Terwijl een ietwat terughoudende attitude zo veel impact kan hebben op ons milieu.

Van het eerste is de laatste hype op entertainmentgebied een goed voorbeeld. Iedereen moet, voorzover hij al een HD-tv heeft, nu aan de 3D-tv, bij voorkeur met hoofdletter om het belang niet onderbelicht te laten. Toen de CD met veel reclamegeweld ons werd opgedrongen was het meest aansprekende argument de kwaliteit van het digitale geluid. Geen krasje, stofje of hickup meer zoals op de oude platenspeler niet ongebruikelijk was. Nee, genieten van het geluid zoals dat was opgenomen, studiokwaliteit kortom.
Toen al realiseerde ik me dat de meeste mensen helemaal niet de vereiste adequate weergaveapparatuur thuis hadden staan. En de paar die wèl over de goeie boxen en versterker en wat dies meer zij beschikten, hadden wel  huisgenoten of buren of omgevingslawaai die de muziek meer verstoorden dan ze vroeger, met de platenspeler, voor mogelijk hadden gehouden.
Ook de, eerst nog, HD-tv en nu dan 3D-tv belooft veel meer dan ze waar kan maken en de veel hogere prijs, zowel in aanschaf als in abonnement, rechtvaardigt. Heeft men zich wel eens gerealiseerd dat je ogen op z'n best zijn op 15 jarige leeftijd en dat de volwassenen die zich zo'n dure tv kunnen veroorloven meestal zoveel brillen nodig hebben, dat die extra geboden kwaliteit volledig aan hen voorbij gaat? Net als overigens dat betere digitale geluid voor het overgrote deel de volwassen hersenen niet bereikt, gefilterd als het wordt door het afnemende gehoorbereik.
Niet alleen op multimediaal gebied is deze gewoonte, ons lastig vallen met eigenlijk overbodige spullen, gebruikelijk. Het nieuwste zijn de winterbanden.
Decennia lang hebben we in ons platte land waar het, gezien ons zeeklimaat, beperkt sneeuwt of vriest, goed kunnen doen met de banden waar we ook in de zomer mee reden. Als we naar wintersport gingen namen we sneeuwkettingen mee, die je overigens ook maar sporadisch hoefde te gebruiken, en de locals hadden winterbanden, maar dat was niet zó gek, want sneeuwkettingen onderdoen was niet bepaald een pretje.
Nu moet plotseling iedereen aan die winterbanden, sterker nog, in een aantal landen is het strafbaar als je ze niet hebt! En de banden- en garage-industrie wrijft in de handen en niet van de kou. Want die winterbanden staan driekwart van het jaar te verdrogen, gaan dus veel korter mee dan mogelijk is dus moeten veel eerder weer vervangen worden dan je op grond van de gereden kilometers zou verwachten, zonder dat het veel meer veiligheid oplevert.In tegendeel, doordat meer mensen zich veiliger voelen wordt er onvoorzichtiger gereden. Tel uit je winst.

Een voorbeeld van het tweede, normale zaken als problematisch verkopen, is ernstiger. Hoe zijn we de afgelopen decennia niet onder vuur genomen als het ging over ons cholestorolgehalte? In het boek De Cholesterolhype wordt omstandig beschreven hoe we beduveld werden door de medische industrie: verzadigde vetten verhogen het cholesterol niet; een verhoogd cholesterol verhoogt het risico op hart- en vaatziekten niet; cholesterolverlagende medicijnen (statines) werken alleen bij mannen van middelbare leeftijd en niet bij vrouwen en ouderen; statines hebben veel meer vervelende bijwerkingen dan de meeste artsen denken. Nou daar sta je dan met je zoveel gezondere levenswijze.
En een nieuw voorbeeld doemt op, beschreven in het boek Selling the Fountain of Youth, waarin aan de kaak wordt gesteld dat we nu te horen krijgen dat oud worden een ziekte is. Hoeveel erger wil je het hebben?

De bioloog Midas Dekker heeft ooit berekend dat het hebben van geen kinderen zijn grootste bijdrage een een verantwoord milieu is. Als zou hij jaarlijks 3 keer met het vliegtuig op vakantie gaan naar een ver land dan nòg zou de balans voor hem positief uitslaan vergeleken bij mensen met een paar kinderen. Dat argument kan breder worden toegepast.
Als je minder hebt, dan wel minder vaak iets nieuws koopt belast je het milieu veel minder en is je bijdrage aan onze duurzaamheid nauwelijks te verbeteren. Bovendien is het goed voor je portemonnee. En dan heb ik het nog niet eens over de keuzeoverdaad waarmee de marketingafdelingen van de bedrijven ons mee dood gooien. Iets waarmee, zo wijst een proefschrift binnenkort uit, de industrie ook nog eens aanzienlijk kan besparen.
Kortom, laten we net als wij al tijden doen, niet meer achter iedere hype aanrennen. Kijk wat je nodig hebt en doe daar mee tot het niet meer voldoet. Hoe simpel kan het leven zijn? En uw Nachwuchs, net als Midas zijn wij zonder, zal ons er dankbaar voor zijn.

2 december 2010

Dansen

Het is nu bijna 20 jaar geleden dat mijn lief en ik zijn gaan dansen. En met enige tussenpozen doen we dat nog steeds. Ballroom en Latin, om geen misverstand te laten bestaan.
Eén van de problemen die we daarbij hebben is het geheugen. De mens, althans de bevolkingsgroep(en) waar wij van afstammen, is niet geëvolueerd om dansen te onthouden. Zijn sommige melodieën zo 'sticky' dat je ze na een paar keer gehoord te hebben niet meer uit je hoofd kunt sláán, een beetje niet triviale volgorde van danspassen weet je soms dezelfde avond al niet meer. Laat staan enkele dagen zonder aandacht later.
Ik heb me al eens afgevraagd of er, in navolging van muzieknotatie, ook geen dansnotatie bestaat. Uiteraard is die er wel, maar wordt alleen door choreografen gebruikt of is zó ingewikkeld dat ze onwerkbaar is.
Zelf heb ik wel geprobeerd, jarenlang zelfs, om de dansen die ik aanleerde op te schrijven, de ene keer beschrijvend, de andere keer minutieus de stappen weergevend, maar altijd bleek na enige tijd dat de beschrijving incompleet was geweest en ik zelfs de essentie van de figuur niet had weten te vatten. Meestal waren essentialia zoals de houding of vitale tussenpassen niet weergegeven zodat ik hopeloos in de knoei raak als ik nog eens iets van jaren geleden probeer te reconstrueren.
Nu hoorde ik deze week de erg mooie actrice Kara Tointon, die dit jaar meedoet aan de danswedstrijd van de BBC "Strictly come dancing", zeggen dat ze de passen beter onthield als ze die koppelde aan een ritmisch wijsje. Voor haar is dat met name van belang omdat ze in een innemende documentaire haar vrij stevige vorm van dyslexie liet zien. Dit bracht me op het volgende idee.

Bij ballroom en latin zijn de dansen vaak opgebouwd uit een aantal kleinere figuren, die vaak maar uit enkele passen bestaan, zelden meer dan 5. Ongeveer zoals een zin uit woorden bestaat.
En die kleinere figuren zijn vaak zelfs ook nog variaties op een thema. Zo bestaat bijvoorbeeld de chassé, een combinatie die zowel in de cha-cha (nooit chac-cha-cha zeggen) als in de jive of in (sommige) ballroomdansen voorkomt. Die chassé is oorspronkelijk een zij-sluit-zij beweging waarbij de eerste twee stappen halve tellen zijn en de laatste een hele tel. Maar die chassé wordt ook gedaan als stap naar voor, andere voet achter voorste, voorste verder naar voren in hetzelfde ritme, zeg maar voor-kruis-voor. Dat heet een cross step. En die kan ook naar achteren. Je ziet op één thema al drie variaties.

Mijn idee houdt in dat we woorden en ritmes verbinden aan die basisfiguren. Als je daar afspraken over maakt en je leert die met het leren van de dans, kun je niet alleen veel makkelijker die dans onthouden, je kunt die ook veel eenvoudiger leren.
Een voorbeeld (en niet meer dan dat). Een chassé naar links kan, in het ritme kort-kort-lang, benoemd worden met 'chassé left', of 'chassé right', al naar gelang de kant die je opgaat. En de boven beschreven  cross step wordt dan, in hetzelfde ritme, 'cross step walk' of 'cross step back', al naar gelang je naar voren of naar achteren gaat.
Uiteraard hoeven de woorden niet Engels te zijn en kunnen ook Nederlandse equivalente of ander woorden worden gezocht. Maar het lijkt me niet onverstandig bij bestaande termen aan te sluiten zodat dansleraren er weinig moeite mee zullen hebben. En die bestaande termen zijn nu eenmaal vooral in het Engels.
Nog een voorbeeld. Een pas naar voren geven we aan met 'walk', het herplaatsen van een voet met 'place', een pas naar achteren met 'back' en een pas opzij met 'side', waarbij de kant die van de voet is die aan de beurt is, dus rechts voor je rechtervoet. Dan wordt de basispas - het vierkantje - van de Engelse wals beschreven door: rechts begint: walk, side, close, back, side, close in het ritme lang-lang-lang. Op die ritmische manier uitgesproken krijg je al het wezen van de dans mee.
Uiteraard is dit niet volledig. Je zult ook moeten weergeven of en hoe je draait, zeker in zo'n basisfiguur, maar mogelijk dat je zo'n elementair stuk dans door een aantal lettergrepen die overeenkomen met de passen kunt weergeven.

Als op die manier ingewikkelde figuren worden teruggebracht door zacht gezongen cadansen (sic!) wordt het onthouden, in ieder geval voor mij, een heel stuk eenvoudiger. Ik ga eens een wat ingewikkelder figuur op die manier proberen weer te geven.

Post scriptum.
Mijn naamgenoot, Haskelladept en J-kompaan maakte me erop attent dat Aboriginals al eeuwen lang melodieën neuriën die informatie bevatten over het landschap zodat ze weten waar ze zich bevinden . Hij had dat uit 'Gezongen aarde' van Bruce Chatwin. Laat dat nou volledig nieuw voor mij zijn. Wel plezierig dat ik iets bedenk dat zijn waarde al bewezen heeft ....

26 november 2010

Dialect

Ik ben geboren en getogen in een klein dorp met een stevig dialect. Dat leidde er onder andere toe dat in de stad waar ik naar de middelbare school ging wij welwillend - in het beste geval - als een soort untermenschen werden beschouwd, ongeciviliseerd als wij waren met onze onbeholpen (uit)spraak. (Jaren later pas vertelde een kennis die leraar Nederlands was me dat ons dialect overeenkwam met het Nederlands dat ten tijde van Bredero werd gebezigd.)
Overigens weerhield dat ons op onze beurt er niet van om bewoners van een gehucht dat weer als satelliet van ons dorp figureerde, en waar ze een dialect van ons dialect spraken, als 'domme diekers' weg te zetten.

Maar een ander aspect van ons dialect, dat ik overigens nog sporadisch spreek, is me pas recent opgevallen *).
Dit dialect lijkt zich in hoge mate te onderscheiden doordat er heel veel met behulp van negatieve kwalificaties tot uitdrukking wordt gebracht. Zelden wordt iets in positieve termen verwoord.
Mijn eigen favoriet is om, als iets me erg bevalt, te melden: "Dit is niet vervelend (om te te eten / naar te kijken / te horen)".
Eén van de sterkste staaltjes is wel het gebruik van "niet weinig" om uit te drukken dat iets veel, erg, of anderszins imposant is. Zoals in 'niet weinig mooi', 'niet weinig belangrijk', 'niet weinig groot', 'niet weinig lekker' of zelfs 'niet weinig veel'.
Allen die dit dialect van jongs af gesproken hebben zullen dit met verschillende andere voorbeelden kunnen aanvullen. (Omdat het hier over spreektaal gaat schrijf ik niet: 'niet weinig andere voorbeelden'.)

  • 'niet gek
  • 'niet verkeerd'


Uiteraard waag ik me niet aan een verklaring, hoewel ik die, zou ik dat wel doen, direct in het gereformeerde karakter van de bevolking zou zoeken. In die denominaties wordt immers geleerd dat de mens "niet in staat is tot enig goed, maar geneigd tot alle kwaad", iets waaraan zelfs mijn vader in zijn meer heldere momenten twijfelde.
Om maar te voorkomen dat het de mens naar de bol zou stijgen en hij zich "meer zou wanen dan een krul in een varkensstaart" (dixit mijn moeder) zou de negatie van een beperking beter werken dan een positieve kwalificatie mee te geven.
Of zoiets.

*) Mijn geliefde huisgenote vertelde me na het lezen van deze blog dat zíj het was die me op dat merkwaardige fenomeen wees. Een typisch geval voor Draaisma's Vergeetboek.

7 november 2010

Boodschappentas

Het leven lijkt soms te bestaan uit een groot aantal aaneenschakelingen van kleine irritaties. Die te voorkomen of op te lossen draagt onevenredig bij aan het geluk van een mens. Of in ieder geval aan haar tevredenheid.
Eén zo'n irritatie is een overvolle boodschappentas die je op de achterbank van de auto hebt gezet en dan, tijdens het rijden, omvalt. Voorzichtig als je bent heb je de breekbare spullen, kletskoppen om maar iets te noemen, boven in gedaan en de veel zwaardere, een zak aardappels, onderin. Maar ja,als die tas omkiepert hoef je geen rocket scientist te zijn om te kunnen voorspellen wat er gebeurt. Not to mention het bakje kwark waarvan de bovenkant toch minder stevig blijkt dan je zou verwachten. Kortom, een klein ongelukje met een buitensporige hoeveelheid ergernis.

Daarop heb ik nu een buitengewoon handige en afdoende maatregel gevonden. Ik snoer de tas, alsof het mijn enige nazaat is, in de veiligheidsgordel van de achterbank. En welke capriolen ik nu uithaal, het omvallen van de tas, hoe zwaar of ongelijk ook ingepakt, behoort definitief tot het verleden.
Waarin een klein idee al niet groot kan zijn.

Weer een ergernis minder, nog een kleine honderdduizend te gaan.

2 november 2010

Hoe planten, struiken en bomen te beperken.

In toenemende mate merk ik dat het mensen stoort, zelfs de doorgewinterde diehard met ultra groene vingers, als alles wat ze jaren geleden zo mooi overzichtelijk geplant (en gepland) hadden, welig tiert en grootte en omvang aanneemt die onvoorzien was.
Of dat nou komt doordat de tuintjes kleiner worden - zelden is een nieuwbouwperceel groter dan een paar honderd vierkante meter, waarmee er voor een tuintje hoogstens enkele tientallen meters overblijft - of dat men minder van de kostbare tijd aan het, soms zware, onderhoud wil besteden, feit lijkt dat het op prijs wordt gesteld als de natuur zich wat zou inhouden en een groeisel zich zou beperken tot de haar toegewezen plek.

Een goede mogelijkheid om dat te doen is de wortelgroei in te dammen. Dat kan op verschillende manieren, enigszins afhankelijk van hoe groot de boom, struik of plant mag worden. Het idee is om de wortelkluit in een (plastic) pot in te graven, of met worteldoek te omhullen, zodat de grootte van de kluit, en daarmee van het bovenaardse groeisel, niet alle perken - letterlijk - te buiten gaat.
Bijkomend voordeel is ook nog dat een eventuele verplaats-actie, anders een zware klus die niet zelden ten koste gaat van wat er verpoot had moeten worden, op die manier wel een héél stuk eenvoudiger wordt.

31 oktober 2010

Geraspte kaas

Geraspte kaas is per zakje te koop en kost onevenredig veel meer dan als je zelf kaas raspt. Maar in beide gevallen heb je vaak meer dan je nodig hebt en blijkt het restant al na een paar dagen in de koelkast door schimmel aangetast en kun je het beter weggooien.
De belangrijkste reden daarvan is dat geraspte kaas heel veel oppervlakte heeft en daarmee de schimmel ruime kansen biedt. Talloze stukjes kaas die bij een plak of homp kaas nog keurig in het binnenste zitten, worden bij kaas in geraspte vorm aan de buitenlucht blootgesteld met alle gevolgen van dien.

Er is echter een eenvoudige remedie: vries het in.
Normaliter is kaas niet of nauwelijks in te vriezen omdat het hard en brokkelig wordt en voor consumptie minder geschikt. Geraspte kaas is dat ook wel, hard en brokkelig, maar dat is daarbij geen euvel. Brokkelig is sowieso een voordeel en omdat geraspte kaas meestal wordt gesmolten is ook de hardheid geen bezwaar. Wij doen dit nu een aantal jaren, als je een homp kaas overhoudt die voor normale consumptie minder geschikt is, hup, de rasp erover en in de vriezer.

Altijd lekker, .... met geraspte kaas.

Woordherkenning, - correctie en -aanvulling

Eén van de triviale functies die in (althans mijn) tekstverwerkers ontbreken is een zelflerende, automatische woordherkenner, woordcorrector en woordaanvuller.
Hoe makkelijk zou het niet zijn als ik, net als ik nu wel op mijn mobiel heb bij het invoeren van een sms, ook bij het typen van tekst op een pc zo'n functie zou hebben.Het enige wat Word tot nu toe (Office 2007) levert is een rood ribbellijntje dat het woord niet wordt herkend. En een enkele keer wordt dit automatisch naar een wèl bestaand woord getransformeerd, maar meestal moet ik het zelf corrigeren of naar de dichtstbijzijnde suggestie vragen. Als Word die suggestie al heeft, waarom dan niet daardoor vervangen?

Ik zou willen dat Word een database meekrijgt waarin alle (paar duizend) meest gebruikelijke woorden staan met daarin de frequentie van voorkomen. Vervolgens worden al mijn documenten gescand en worden de door mij gebruikte woorden geïnventariseerd, ook met de frequentie van vóórkomen.
Als ik dan in een nieuwe tekst een woord begin, dan komt de tekstverwerker direct met het meest gebruikte woord als suggestie. Zo lang dat niet het woord is dat ik wil, typ ik door, tot het gesuggereerde woord er staat dat ik bedoel, dan druk ik op 'Enter'. Klaar is kees.
Wordt het woord helemaal niet herkend, dan komt ie, na de spatie of het leesteken dat ik vervolgens invoer, met het rode ribbellijntje zodat ik het woord kan toevoegen. Of met een gesuggereerd woord (bijvoorbeeld met een groen ribbellijntje) als er vermoed kan worden dat ik iets anders bedoelde dan ik typte, omdat het gesuggereerde woord wel héél dicht in de buurt  komt.
Zo'n nieuw woord wordt dan weer aan de database toegevoegd en kan dan een volgende keer weer een rol spelen.

(Waarschijnlijk is dat onbekend, maar de afstand tussen twee woorden kan gemeten worden door het aantal letters dat je moet invoegen, weglaten of omwisselen, de zogenaamde "Levenshtein distance")

Is dat nou zo moeilijk?

28 oktober 2010

Sociale verzekeringen

De sociale verzekeringen vormen een complex geheel, maar gelukkig is er Wiki dat daar helderheid in verschaft.Bijgaand het daaruit gedestilleerde overzicht.

Volksverzekeringen
Algemene Ouderdomswet
AOW
gefinancierd door inkomensafhankelijke premies en belastingen;
bestemd voor alle ingezetenen
Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten
AWBZ
Algemene Nabestaandenwet
ANW
Algemene Kinderbijslagwet
AKW



Sociale voorzieningen
Wet werk en bijstand
(voorheen Algemene bijstandswet Wet)
WWB
(ABW)
gefinancierd door belastingen;
bestemd voor alle ingezetenen
arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten
Wajong



Werknemersverzekeringen
Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen  
(voorheen Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering )
WIA

(WAO)
gefinancierd door inkomensafhankelijke premies;
bestemd voor werknemers en gelijkgestelden
Werkloosheidswet
WW
Ziektewet
ZW


Hieruit blijkt dat de overheid zich zelf een grote rol als verzekeraar heeft toebedeeld. Want of het nou verzekeringen heet of voorzieningen, feit blijft dat er een premie wordt geheven, of van de belasting wordt betaald, en dat er uitkeringen worden gedaan, als dat toepasselijk is.

Onmiddellijk dringt de vraag zich op of er, anders dan historische, redenen te bedenken zijn waarom dat zo moet blijven, of dat er eigenlijk geen reden is het afdekken van deze risico's te privatiseren en daarmee de overheid aanzienlijk af te slanken. En de belastingen aanzienlijk te verlagen, ook al zijn de burgers dat bedrag dan aan premies kwijt.

Veel mensen zullen van mening zijn dat de risico's die door deze wetten worden afgedekt van uitzonderlijk belang zijn. Eens, maar als we de piramide van Maslow er op na slaan, dan blijken deze zekerheden niet primair. Daar staat namelijk het lichamelijk welzijn met de gezondheid als belangrijkste component. En hoe hebben we het daar geregeld? Precies, met een particuliere zorgverzekering. Toegegeven, ook daar heeft de overheid een forse vinger in de pap, maar als men het ergens over eens is, is het dat die rol met grote kracht teruggedrongen moet worden, net als overigens in andere landen. Privatisering van de zorg, die bij de verzekeringen al vrijwel voltooid is, is een belangrijk issue om een rem op de exponentiële ontwikkeling van de kosten te verkrijgen.
Bovendien is een belangrijk deel van de oudedagsvoorziening, namelijk dat van de pensioenen al in (min of meer) private handen, dus de AOW daar naar toe overhevelen lijkt me klein bier vergeleken bij wat voor de overige regelingen nodig is.

De vraag rijst dus waarom het stelsel van sociale verzekeringen niet geprivatiseerd zou kunnen worden. Ongetwijfeld zal het vele malen efficiënter en dus goedkoper gebeuren, zelfs als we de winsten van de betrokken partijen verdisconteren.
Misschien dat het nieuwe kabinet zó voortvarend is dat ze hier nog aan toekomt, ook al heeft ze het niet gepland. Het zou de overheid beter in staat stellen te doen wat haar core business is, want daar hoort verzekeren zeker niet toe.

8 oktober 2010

Beleggen = Speculeren = Gokken (1)

(zie ook ps.)

De eerste grafiek is zo te zien het verloop in de tijd van een beleggingsproduct. Ik ben benieuwd of duidelijk is welk product en over welke tijd. Het zou me verwonderen als dat geraden zou kunnen worden.







Dan een nieuwe grafiek, misschien is deze makkelijker. Enig idee? 









Laatste kans, een makkie:









Niemand hoeft zich iets te verwijten als hij of zij niet bij benadering de juiste onderliggende waarde en/of de tijdsperiode heeft geweten. Want deze grafieken zijn artificieel. Sterker nog, ze zijn gemaakt door op de computer het opgooien van een munt te simuleren.
Iedere keer als er kop boven komt wordt er een euro bijgeschreven, als er kop boven komt, gaat er een euro vanaf. En dat 10.000 keer, wat zou overeenkomen met een kleine 40 jaar aan dagkoersen.
Zoals te zien is het onderscheid met een echte koersgrafiek nihil.

De vraag is dan natuurlijk of ook èchte koersen door het toeval worden bepaald. Ik kan die vraag niet beantwoorden. Er is echter geen reden aan te nemen dat het niet zo is. Met andere woorden, we kunnen, zoals hierboven aangetoond, vrij eenvoudig een toevalsproces maken dat koersgrafieken genereert. En ik denk dat niemand op grond van de verstrekte gegevens zal kunnen uitmaken welke koersen echt zijn en welke kunstmatig.

Dat geldt niet altijd.
Als je mensen vraagt kop-of-munt te simuleren en bijvoorbeeld een volgorde van 50, bedachte!, uitkomsten op te schrijven, en die worden naast een echte opgooisessie van 50 keer gelegd, dan haalt een deskundige de bedachte er achter mekaar uit. Omdat een mens denkt dat een groot aantal keren kop of munt achter elkaar onwaarschijnlijk is, terwijl het in de praktijk toch regelmatig voorkomt.
Hier is een voorbeeld van zo'n echte rij: kmkmmmkmkkmkkkkkkkkkkkmmmkmkmkmmkkmkmkmmmkmmkmkkkk. Je ziet, maar liefst 10 keer kop achter elkaar.
Of zoals een statisticus zeer plastisch opmerkte, de uitkomsten hebben de neiging te klonteren.

Een andere observatie.
Als rolmodel voor alle beleggers wordt vaak Warren Buffett genoemd. Hij heeft furore gemaakt door tientallen jaren achter elkaar hoge rendementen te halen, reden waarom hij nu één van de rijkste mensen ter wereld is. Er zijn talloze boeken volgeschreven over hem en even talloze mensen proberen hem te imiteren door zijn 'regels' toe te passen. (Het mooie van die regels is dat de laatste regel luidt dat je niet teveel aan je regels moet vasthouden! Wat Buffett heeft toegepast door in 2009, ondanks dat hij altijd beweerde dat derivaten "weapons of mass destruction" waren voor de financiële wereld, voor maar liefst 15 miljard dollar aan derivaten te verkopen!!!)
Er kan ook een andere verklaring zijn voor zijn enorme winsten.
Stel dat in Amerika, dat een 300 miljoen inwoners heeft, er 134.217.728 daarvan op enig moment beginnen te beleggen met $100. Zonder dat ze het weten is het echter zó op de beurs dat iedere belegger een kans van 50% heeft op quitte (ooit geweten dat dit woord zó gespeld moet worden?) of dubbel. Dus de helft zal na één jaar al hun geld kwijt zijn, de andere helft heeft na één jaar $200 en vindt zichzelf een hele piet.
Dat gaat zo jaren achter elkaar door. Dus na 5 jaar zijn er nog een goeie 4 miljoen (4.194.304 om precies te zijn) die ieder $3.200 hebben en apetrots zijn. Wie doet hen dat na, 5 jaar lang 100% per jaar?
Maar de overigen, ruim 130 miljoen, hebben niks meer!
De succesvolle beleggers gaan rustig door, zij hebben immers bewezen de truc te beheersen. Na nog eens 5 jaar, dus 10 jaar in totaal, zijn er nog 131.072 succesvol en hoe! Hun vermogen is inmiddels aangegroeid tot $102.400. En de rest, dat is bijna iedereen, heeft niets meer.
Je voelt al hoe het verder gaat: na 28 jaar is er nog slechts één superbelegger over en die heeft het lieve sommetje van $13.421.772.800, net zoveel als al die beleggers daarvoor samen hadden. En al die anderen, die niet alleen hun inleg kwijt zijn, maar ook nog eens spijt als haren op hun hoofd hebben dat ze niet eerder uitstapten, zijn alles kwijt.
Superbelegger zei u? Of mazzelkont?

Uiteraard is het bovenstaande een verregaande en niet realistische vereenvoudiging van wat ik denk wat er werkelijk aan de hand is: beurskoersen worden in hoge mate bepaald door toeval, net als vele andere processen in het leven van alle dag, in geringe mate door het gedrag van de beleggers en voor een minimaal deel door economische processen.
Vraag voor een volgende keer is in welke mate allerlei beleggingstheorieën, uitgaande van dit model, nog opgeld doen.

ps. in een aparte blog wordt met dit onderwerp verder gegaan, ook omdat het minder past binnen Ideeën.

28 september 2010

Beter woord

- Exgenoot, respectievelijk exgenote.
  Waar ik nu nog "voormalig echtgnote" gebruik.

- Een Cruijffiaan.
  Een woord of zegswijze van de meester. Hoorde vandaag: "sport is zo onverschrikkelijk belangrijk".

22 september 2010

Prinsjesdag

Als je met de gouden koets naar de juwelier of naar de lommerd zou gaan - de economie is nog lang niet waar die zijn moet, niet waar - dan zou het eerste zijn wat je te horen kreeg: is niet van goud, is verguld.
Om op die manier de prijs waarop je gehoopt had te decimeren.
Laten we dus ons koningshuis, dat tenslotte uit lagere adel van Duitse komaf bestaat, tot hun ware proporties terug brengen - PrinsJESdag is al héél adequaat - en voortaan spreken van de vergulde koets.
Tot we die flauwekul afschaffen weet die familie weer wat hun status is: schone schijn.

21 september 2010

Vrachtwagens

Het is mij volledig onduidelijk waarom er geen wet komt die het vrachtwagens verbiedt op de linkerrijstrook te rijden, 24/7 op z'n Amerikaans, oftewel vierentwintig uur per dag, 7 dagen per week.
Gegeven hoe vol onze snelwegen zijn, waarvan het nog de vraag is hoe lang ze die naam verdienen, en gegeven het feit dat vrachtwagens het verkeer ophouden, zelfs als ze, wat massaal gebeurt, de snelheidslimieten die voor hen gelden overtreden.
Mogelijk dat politici bang zijn voor de niet onaanzienlijke lobby van het vrachtvervoer, maar een goede verkeersdoorstroming is ook in het belang van de gezamenlijke truckers. Want hun belang is niet dat er zo nu en dan één vrachtwagen is die 5 of hooguit 10 minuten eerder op z'n plek van bestemming aankomt.
En als de doorstroming verbetert zullen ook de files minder zijn, mogelijk zelfs aanzienlijk. Eventueel kan het zelfs geboden zijn om op wegen met meerdere rijstroken tijdens spitsuur niet alleen de uiterst  linkse maar ook de rijstrook daarnaast voor vrachtverkeer te verbieden.
Kortom, laaghangend fruit voor een nieuw, autovriendelijk kabinet.

12 september 2010

Alcohol werkt!

De meeste mensen gebruiken alcohol om de inwendige mens te versterken, weinigen weten dat het ook voor het uitwendige deel van de mens wonderen kan verrichten.
Ik gebruik het al jaren en met succes.
Geïnspireerd als ik was door ouwe cowboyboeken, waar de stoere cowboys hun kogelwonden ontsmetten met whisky, meestal zelf gestookt dus met een schrikbarend hoog alcoholpercentage van rond de 80%, vergelijkbaar met het (Oostenrijkse) strohrum.
De eerste toepassing was dus bij kleine (snij)wondjes, al snel gevolgd door bijtwonden in mijn mond, zoals wanneer ik op mijn tong of (de binnenkant van) mijn lip beet. Hoewel de pure alcohol, 70% tot 95%, smerig smaakt, hielp het als of het er voor bedoeld was. Aften verdwenen als sneeuw voor de zon, net als de soortgelijke pijnlijke zweertjes in of op je neus. Uiteraard gebruik ik een wattip voor binnen in mijn mond of neus.
Ook zeer succesvol is de inzet tegen een opkomende of in volle ontwikkeling zijnde koortsblaar op mijn lip. Gebruikte ik eerst nog wel zinkzalf, zodat je als een janjoker met een witte dot op je lip rondliep, die al snel ook op je andere lip plakte of op je theekopje oversprong, nu enkele keren per dag het alcoholflesje er tegen aan - zorgen dat niemand je ziet! - en voor je het weet is de plek verdroogd en heeft de virus het loodje gelegd.
Tegenwoordig is er geen aandoeninkje meer waar ik bij kan, die niet met alcohol te maken krijgt. Zodra er ergens een rood plekje verschijnt komt het flesje te voorschijn, of het nu galbulten, steekvliegensteken of kleine (schaaf)wondjes zijn.
Kortom, alcohol lost heel veel op!